Tiffany Dop (tip van Klaartje)

Veldkamp, T.: Tiffany Dop
Hopelijk wordt dit stukje niet meteen naar het kinderboekenhoekje gestuurd – zoals dat vaak gaat als het kinderboeken betreft –  want dan zouden al die andere mensen van zeg zo tussen de veertien en vierennegentig jaar, een leuke tip mislopen.
Om nog maar eens stil te staan bij de dit jaar overleden Tine van Buul, oud-uitgeefster bij Querido en pleitbezorgster van het kinderboek: 'Er bestaan alleen goed geschreven en slecht geschreven boeken.' Onderscheid in 'boeken voor kinderen' en 'boeken voor volwassenen' maakte ze eigenlijk niet.
Fijn.
'Tiffany Dop' is zo'n boek: goed geschreven en voor iedereen.
In een troosteloze Groningse wijk vol flats en weinig vreugde, waar het vooral overleven is, woont de dertienjarige Tiffany Dop. Alle kinderen uit de buurt kennen haar. Ook, zoals ze zelf zegt 'de kinderen die niet met haar gevochten hebben', want zij is Tiffany Dop, bats veur de kop.
Iedereen weet dat, ook haar halfbroertjes, de stommelingen, de slapjanussen, die ze ook nog moet leren vechten.
'Zelf begon ik nooit meer, maar als Danny en Bruce begonnen en ik gaf ze op hun flikker, was ik trots op mezelf. Het was ieder voor zich en ik deed het niet slecht.'
Maar vandaag is Tiffany zichzelf niet, merk ze. Ze wil een kindje. Voor haar alleen. En nu.
Door een raar toeval krijgt ze op straat een baby in haar handen gedrukt en dat maakt een gevoel in haar los dat ze nooit eerder heeft gevoeld. Zo gelukkig, zo blij: een hele nieuwe Tiffany. Die Tiffany wil ze terug, nadat ze de baby aan de moeder heeft moeten teruggeven.
Ze besluit dat ze een eigen kindje wil. Er is alleen één minpuntje, zoals ze het zelf noemt, en dat is de seks. Maar Tiffany is beslist niet dom: zonder seks geen kindje, dus dat moet maar even.
Eerst op zoek naar man en seks, twee noodzakelijke ongemakken waarvoor ze alleen nog een sexy jurkje hoeft te jatten.
Maar waar vind je een man die jou vandaag nog zwanger kan maken? En wat voor man moet dat eigenlijk zijn?
Tiffany weet gelukkig goed wat ze wil. Zo goed, dat je als lezer bijna vergeet je zorgen te maken.
Alle ingrediënten voor een goed geschreven boek zijn aanwezig en vanaf de eerste zin staat het als een huis: een verrassende openingszin, een heerlijke toon, een paar rake details (een vrouw die ruikt naar de vuilstortkoker in de flat) en onvoorstelbaar knap hoe Veldkamp zijn personages vormgeeft door ze met een enkel zinnetje, in Gronings dialect, te typeren.
'Ik was niet dol op kleine kinderen en ook niet op paarden of poesjes. Zo'n meisje was ik niet. Ik was Tiffany Dop, bats veur de kop.'
Ik vind het altijd gevaarlijk om hardop van 'humor' te spreken, maar aan grappig ontbreekt het in dit boek geen moment.
Tegelijk is het ontroerend, schrijnend soms, maar door de treffende toon van onze Tiffany (ja, zo voelt het als je haar gelezen hebt en dat vind ik ook zo knap) ontstaat er een mooi evenwicht, zodat je ondanks het moeilijke leven dat Tiffany eigenlijk heeft, geen moment het gevoel hebt dat dit boek tot de categorie 'zielige boeken' zou kunnen behoren.
Zal het Tiffany lukken een eigen kindje te krijgen? Volwassen als u bent – welk kind leest deze site? Ik hoor het graag! – zult u vast denken van niet. Nou, wacht maar. Lees maar. Tiffany is een behoorlijk gepantserde doorzetter. Tiffany is Tiffany Dop, bats veur de kop.

Moeliker, K.: De Eendeman; € 14,95
Zoals ik nooit meer als voorheen naar peterselie kan kijken na het zien van de theatervoorstelling 'De Grote Oorlog' van Hotel Modern, waarin het gezelschap de Eerste Wereldoorlog op maquetteformaat naspeelt (gefilmd met vingercameraatjes en dan geprojecteerd op groot scherm) en peterselie figureert als een enkele boom die het kapotgeschoten landschap haar juiste leegt geeft, lukt het mij nu na het lezen van De Eendenman niet meer om door Amsterdam te fietsen zonder een eend, duif of ander gevogelte onopgemerkt te passeren. Passeerden zij voorheen mij, door de verhalen en zorgvuldige observaties van De Eendenman waarvan ik voorheen geen weet had, krijg ik nu het gevoel te figureren in hún leven.
In mijn beleving is er niemand die ik nog moet uitleggen wie De Eendenman is of waar het boek over gaat, maar dat zegt meer over mij en mijn enthousiasme dan over u.
Kees Moeliker, De Eendenman, schreef een boek over homoseksuele necrofilie en andere opmerkelijk diergedrag, zoals de ondertitel ook luidt. Aanleiding hiervoor, daar begint hij zijn boek ook mee, is zijn observatie van homoseksuele necrofilie bij de wilde eend, die hij deed nadat een eend zich dood had gevlogen tegen de glazen pui van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam, waar Moeliker werkt. Met zijn observatie (zie de aantrekkelijke tekening uit zijn notitieboekje op pagina 12) heeft Moeliker nog zes jaar rondgelopen voor hij er mee naar buiten kwam. Eenmaal gepubliceerd nam het een vogelvlucht en kreeg hij er de Ig Nobelprijs voor, wat hem wereldwijd als 'The Duckman' op de kaart zette.
Leuk in het boek, vind ik, dat Moeliker het niet schuwt ook een grappige cartoon te publiceren, die van hem werd getekend naar aanleiding van zijn Ig Nobel optreden met een (stand-in) eend op een stok (gebalgd, weet ik nu, dat is opgevuld met watten) in zijn hand.
Zeer sympathiek en waar voor mij ook de liefde voor zijn vak uit spreekt, is dat Moeliker van alle besproken dieren in het boek zorgvuldig de catalogusnummers noemt, zoals zijn dierbare NMR 9989-00232. Ook wordt de naam van het Natuurhistorisch Museum zo trouw met regelmaat genoemd dat je echt zin krijgt om daar gauw een bezoek aan te brengen.
Daarbij genoot ik van zijn voetnoten die varieerden van vuistdikke vakliteratuur en bijzondere onderzoeken uit alle hoeken van de wereld tot YouTube filmpjes.
Het is duidelijk een met liefde, humor en zorgvuldig in elkaar gezet boek.
Voor wie De Eendenman net als ik gretig in de media heeft gevolgd, kan ik aanraden het eerste hoofdstuk even te laten voor wat het is (maar dit ongeveer halverwege het boek zeker in te halen). Ik merkte aan mezelf dat ik wat moeizaam op gang kwam, omdat het boek begint met het verhaal, hét verhaal waar het bij Moeliker allemaal mee begon. Het is logisch daarmee te beginnen, maar omdat ik het die week al drie keer op televisie gehoord had, dacht ik toen bij het lezen in eerste instantie: ja, ja, dat weet ik nu wel.
Ook merkte ik in dat hoofdstuk over necrofilie op ten duur een beetje sip te worden van al dat gesol met de doden, hoe zorgvuldig Moeliker mij ook uitlegt dat het veel normaler is dan ik denk.
Maar goed, ik moet niet teveel klagen, want op de eerste pagina van het verhaal had ik mijn eerste lach al binnen. Het leek mij nog moeilijk die beloofde humor uit al die media-aandacht waar te maken, maar dat is zeker gelukt. Al is 'lukken' wellicht niet het juiste woord, want volgens mij heeft Moeliker voor die humoristische inslag geen opzettelijke moeite hoeven doen. Een natuurtalent.
Wat ik wel knap vind aan zijn schrijven over necrofilie is dat hij begint bij eenden, daarna uitstapjes maakt naar en verbanden legt met andere vogels en dieren (van postduif tot kikker), om vervolgens bij de mens uit te komen en te verklaren waarom mannen vanuit de natuur de neiging hebben 'hem' in melkflessen of pet-flessen te willen stoppen. Een verklaring vanuit de natuur werkt op mij vaak geruststellend, al blijft deze laatste gewoonte voor mij als vrouw enigszins verontrustend tegelijk.
Dankzij De Eendenman ben ik nu gerust op iedere eendenverkrachting (het hoort er nu eenmaal bij en heeft nog een functie ook) en zal ik niet meer schrikken van een onthoofde duif, want die is waarschijnlijk door een vogelgenoot 'netjes' uit zijn lijden verlost.
Hoe hij vervolgens in de andere hoofdstukken schrijft over de achtergronden van de Ig Nobelprijs, over de kloten van de mus, bijzondere buizerds in Manhattan, de gekte rond de Dominomus en het uitsterven van de schaamluis moet u verder zelf maar lezen, daar heeft u mij niet voor nodig. Stuk voor stuk bijzondere verhalen. Ik vloog er doorheen.
Niet alleen fietsend door de stad, maar ook thuis, uitkijkend op de vogeleilanden in het water voor mijn deur, speur ik nu naar iets, íets bijzonders voor De Eendenman. Dan zou ik hem kunnen mailen, wellicht een bijdrage voor zijn volgende boek?
Maar ik weet natuurlijk niks van vogels of bijzonder diergedrag in vergelijking tot hem. Ik kan alleen maar hopen. Hopen op iets heel opmerkelijkswq43fcggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggggyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyt
gffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffffff[1] 

[1] dikke neurotische kat op laptop, zondag 15 maart 2009, 9.57u. Y 34, Europese korthaar: zwart-wit prachtkleed, 7.8kg, bang voor rubberen speelgoed vogels.
Terug naar overzicht